We staan vroeg op en vertrekken met onze schone caravan en de rest van onze huidige inboedel, richting Bergerac. Hij gaat bij Ed en Ineke een weekje logeren terwijl wij een weekje naar Nederland gaan. Het is anderhalf uur rijden deels door prachtige wijnvelden in een mooie vallei ten zuiden van Bergerac en komen dan eindelijk aan op het Château. We rijden een imposante oprijlaan op maar weten niet precies waar Ed de caravan wil hebben. Zij zijn er zelf niet. De zus van Ed zou ’thuis’ moeten zijn. We laten de auto daarom halverwege staan en lopen het laatste stukje richting Château. Prachtig. De achterkant, wat eigenlijk de voorkant is, is nóg mooier met een werkelijk schitterend uitzicht over de heuvels met wijnvelden, bossen en graslanden. In de tuin zie ik een man lopen die nét het zwembad ‘openmaakt’. Dat is vast de man van de zus van…
‘Bonjour, parlez-vous anglais ou hollandais?’, roep ik naar de man. Ik verwacht een ‘Ja, hoor’, maar krijg een ‘I speak English yes but I don’t speak Dutch’ te horen. Ik leg uit dat we op zoek zijn naar Ed voor het stallen van onze caravan. Hij legt uit dat hij de huidige ‘Engelse’ eigenaar is en het huis in 2019 gekocht heeft van Ed en Ineke. Ed en Ineke kent hij wel maar het Château is niet meer van hen. Het ‘pand’ van Ed en Ineke staat een stukje terug en blijkt een boerderij op het landgoed. Hij wijst waar we moeten zijn en we zien het liggen vanaf het Château. Ook mooi maar of ik daar al dat poetswerk voor had moeten doen?
We rijden naar de boerderij een paar honderd meter verderop en worden daar vriendelijk, met een kopje koffie, ontvangen door vrienden van Ed en Ineke die er logeren. Lang verhaal kort, Ed en Ineke hebben inderdaad in het Château gewoond en een B&B gehad, hebben daarna in de aangehouden boerderij gewoond en hebben deze nu in gebruik als tweede huis, voor vrienden en familie. Die boerderij hebben ze recentelijk ook verkocht en wonen inmiddels ergens anders. Wáár blijft voor ons vooralsnog even een raadsel. De caravan staat in ieder geval veilig op een landgoed van 25 hectare érgens op een schitterende plek.
We rijden anderhalf uur terug naar het noorden en verder richting Nederland. We besluiten te overnachten in Orléans.
Orléans is één van de oudste steden van Frankrijk, gevormd door de rivier de Loire en gelegen in de regio Centre-Val de Loire. Orléans is een universiteitsstad, heeft een prachtige kathedraal en een bisschopszetel. Daarnaast staat de stad bekend om Jeanne d’Arc de beroemende Pucelle d’Orléans (Maagd van Orléans) die een beslissende rol speelde in de honderdjarige oorlog tussen Engeland en Frankrijk.
Bovenstaande wisten wij niet. Zo zie je maar, leerzaam tripje al met al. We boeken een hotel midden in de stad en nuttigen ons aperitief op één van de vele terrasjes die je vindt in de oude straatjes van de stad, die boven verwachting mooi blijkt te zijn. Omdat we niet wéér een uur willen zoeken naar een restaurant, wat doorgaans ons ritueel is, vragen we de receptie van het hotel om advies. Ze raad ons ‘Notre Cher et Tendre’ aan. Als we zeggen dat we van hotel ‘Hôtel Marguerite’ komen, is ons korting beloofd.
We eten lekker. Ik een steak en José twee andere stukken van het rund, mét een flesje wijn uit de regio natuurlijk. Daarna ga ik mezelf nog te buiten aan een ‘Dame Blanche’. Pssst niet verder vertellen hoor. Als José binnen de rekening betaald, vermeld ze tussen neus en lippen, maar in prima Frans, welk hotel ons naar hen heeft toegestuurd. Misschien helpt het ons droomhuis te kunnen betalen? De ober vertrekt echter geen spier. Zonder enige vorm van emotie draait hij de bon uit en overhandigd deze aan José. Jammer.
Vanaf ons tafeltje hadden we een mooi zicht op de kathedraal, die naar ons idee echter wat saai is verlicht. Om de maaltijd wat ruimte te geven lopen we, in de korte broek en een hemdje, op deze zwoele avond nog een stukje door de stad, richting kathedraal. Daar hebben zich tot onze verbazing verschillende mensen verzameld die staren richting kathedraal en ogenschijnlijk in afwachting zijn van iets bijzonders. Er komen steeds meer mensen bij. Wij besluiten af te wachten, op wat komen gaat. Snel wordt duidelijk dat er die avond een ‘voorstelling’ is te zien: ‘Son et lumière sur la cathédrale à Orléans’. Hierbij wordt o.a. het verhaal van Jeanne d’Arc geprojecteerd op de kathedraal, ondersteund door muziek, gesponsord door de Mairie. Ik ben erg onder de indruk. We hebben een mooi plekje op een paaltje, wisselen af omdat het paaltje van beton is, en laten ons overvallen door deze unieke ervaring.
De volgende dag gaan we verder richting Nederland. Parijs komen we prima doorheen, Antwerpen lukt wat minder. Daar staat het helemaal vast. De grens van Nederland passerend wordt het nog erger. Wat een drukte, en 100km per uur? niet dat het veel sneller kan maar dat is toch belachelijk. Wat ook opvalt is het agressieve gedrag van onze medeweggebruikers. Dat zijn we al even niet meer gewend. Er wordt weinig ruimte gelaten bij het ritsen, en iedereen lijkt haast te hebben. We komen uiteindelijk om half 6 aan bij Paul en Gera in Bemmel. Daar mogen we logeren deze week. Zij gaan zelf morgen op vakantie en hebben dan het huis voor onszelf. Super aardig.
Leuk hè, die onverwachte kadootjes. 😊
Een duidelijk verschil tussen het Franse en Nederlandse leven dus.
Ook weer even wennen…..